Het tweede deel van de profetie van Amos wordt voor de kinderen verteld vanuit het perspectief van de jongen Sem. Hij vraagt zijn Oma naar de gebeurtenissen rond de ramp, die Oma lang geleden meemaakte. Oma kijkt eerlijk maar vol spijt terug op de jaren voordat Amos’ profetie in vervulling ging.



‘Oma, vertel nog eens over Samaria’, vraagt Sem. ‘Wat wil je horen?’ ‘Nou, van voor de ramp.’ ‘Voor jou klinkt het allemaal spannend he? Maar je mag blij zijn dat je er toen nog niet was.’ ‘Hadden jullie van te voren echt helemaal niks gemerkt?’ ‘Nou..’ Oma wrijft nadenkend over haar oor. ‘Twee jaar daarvoor was er een man bij ons in de stad geweest. Amos, een profeet uit het zuiden. Eigenlijk was hij een schapenboer, maar God had hem met een boodschap naar ons gestuurd.’ ‘Echt? Wisten jullie dat God hem stuurde?’ ‘Hij zei dat. En wij geloofden hem. Achteraf bleek dat ook terecht.’ ‘En wat vertelde hij?’ ‘Eerst had hij kritiek op de andere volken. Dat vonden we prima. Maar daarna had hij kritiek op ons. Namens God, welteverstaan. Hij zei dat God woest was, omdat we zo slecht leefden, terwijl we de wet hadden, dus we wisten drommels goed dat het fout was wat we deden. ’ ‘Wat deden jullie dan?’

‘Jij kent vast wel de tien woorden van God?’, vraagt Oma terug. ‘Natuurlijk zegt Sem. God is onze enige god, we mogen niet vloeken, we moeten op de sabbat rusten, respect hebben voor onze ouders en we mogen niet moorden, niet ontrouw zijn, niet stelen, niet liegen en niet willen hebben wat van een ander is.’ ‘Dat heb je mooi samengevat’, zegt Oma. ‘We moesten God liefhebben boven alles en onze naaste als onszelf. En al die dingen lapten we aan onze laars. De één meer dan de ander, we waren niet allemaal moordenaars. Maar allemaal bij elkaar deden we heel veel slechte dingen in Gods ogen. Wij hielden alleen rekening met onszelf. We deden niks voor mensen die straatarm waren en doodgingen van de honger. Terwijl wij van gekkigheid niet wisten wat we met al ons geld moesten doen. Zij leefden in krottenwijken terwijl wij een tweede huis vol dure spullen hadden. We lieten ze werken voor een schijntje. Als ze niet hard genoeg werkten, sloegen we ze. Achteraf schaam ik me daar vreselijk voor. Maar toen leek het normaal, iedereen deed zo.’

Met verschrikte ogen kijkt Sem naar zijn oma. ‘Oma, ú toch niet? U was toch wel goed voor anderen?’
‘Ach, ik probeerde het wel af en toe. Ik gaf wel eens geld aan een bedelaar en bracht oude kleren naar een gezin dat dat nodig had. Maar dat stelde niet zoveel voor. Bovendien zeiden mijn buren: “Je bent gek. Zo leren die mensen nooit te werken voor hun geld.” En dan deed ik weer een tijd niks, ik schaamde me om goed te doen! Ik zou nu op mijn knieën terug willen kruipen naar Samaria als ik het daarmee goed kon maken. Maar het is te laat. Die Amos, die zei ons waar het op stond. “Jullie zijn hartstikke fout bezig”, zei hij. Hij vertelde hoe God ons telkens strafte als we fout deden, om ons op te voeden, maar dat we heel hardleers waren. Toen zei Amos dat het binnenkort ècht mis zou gaan. Hij zei dat we een schijnheilig stelletje lamlendige luilakken waren. Hij schold ons uit voor vette koeien. Echt waar. Die Amos nam geen blad voor de mond. En hij zei: “wie kaatst moet de bal verwachten. Jullie stapelen onrecht op onrecht, dat moet een keer misgaan!” Maar toen Amos wegging, gingen we door met ons oude leventje. We waren het zo gewend, dat verander je niet één, twee, drie. Bovendien dachten we: “Het zal onze tijd wel duren.” Dus bleven de armen arm terwijl wij ons prettige leventje leidden. Tot de ochtend van de ramp…’

Na een korte stilte vraagt Sem:’Maar nu doet u heel veel voor anderen, Oma.’ ‘Ja jongen, ik heb er veel van geleerd. Maar we hadden het nooit zover moeten laten komen. Onthoud jij dat goed, jongen. Als jij iets goeds doet, komt er een dag waarop jou iets goeds overkomt. Doe jij kwaad, dan komt dat vroeg of laat een keer op je eigen bordje terug. Het kan lang duren, maar alles wordt een keer terugbetaald.’

Pin It

Auteursrecht

Op dit werk rust auteursrecht. Wil je het voorlezen in een groep? Prima, maar laat het me even weten. Publiceren op papier of web? Vraag naar de voorwaarden.  © Hilda Algra

Aanbieding

Nieuwsbrief met tips

typemachien