Een interview met Lenneke Pols, docent NT2.
17 november 2004

'Inburgeren kan je ook tijdens de barbecue met je buren,' zei minister Verdonk van Vreemdelingenbeleid en Integratie. Daarom wil ze 76,5 miljoen bezuinigen op het budget voor de inburgeringscursussen. Het besluit is nog niet definitief, maar bij de ROC's moeten op voorhand duizenden medewerkers worden ontslagen. Ook de baan van Lenneke Pols (42), docent NT2 (Nederlands als tweede taal) en Maatschappijoriëntatie aan het Haagse ROC staat op de tocht.

'De cursussen zijn beslist niet overbodig!', zegt Pols stellig. 'Kijk, iemand als Ayaan Hirsi Ali heeft nooit een inburgeringscursus gehad. Dus een beetje gelijk heeft de minister wel: niet iedereen heeft het nodig. Maar we zijn niet allemaal Ayaan Hirsi's.'
Netwerken

Om Nederlands te leren heb je een Nederlandstalig netwerk nodig. Pols: 'Wij hameren er bij de cursisten altijd op dat ze vooral met hun buren moeten praten. Maar lang niet iedereen heeft Nederlandstalige buren. De cursus biedt hen een netwerkje waarbinnen ze gestructureerd Nederlands leren. Tijdens de lessen mogen ze onderling alleen maar Nederlands spreken.”'

Pols ziet grote verschillen in de netwerken van de cursisten. Een jonge Marokkaanse bruid spreekt kort na haar immigratie geen woord Nederlands, maar haar man is hier geboren en heeft een baan. Via hem heeft ze een netwerk, waaronder ook Nederlandstalige contacten. Zij zal vrij snel Nederlands kunnen leren. Veel sneller dan bijvoorbeeld de oudere Turkse, die eerst vijftien jaar voor de kinderen heeft gezorgd, op een peuterspeelzaal werkt en op eigen houtje krom Nederlands heeft geleerd en dat nu op de cursus moet afleren.

En een Chinese vrouw werkt al twintig jaar in het restaurant van haar man, waar ze veel Nederlandse klanten heeft. Toch durfde ze nooit meer te zeggen dan: "Ik heb het zo druk." Ze meldde zich aan voor de NT2-cursus en is helemaal opgetogen dat ze nu gesprekjes kan voeren met haar klanten.
Aanvoelen

Binnen het NT2 heb je vijf niveaus. Niveau 5 is staatsexamen en geeft toegang tot HBO en universiteit. Hooguit twee procent van de nieuwkomers komt op dat niveau. De meerderheid van de cursisten haalt niveau 2, het niveau van de inburgeringsexamens. "Dan kun je je een béétje redden in de maatschappij. Een telefonische afspraak maken en een eenvoudig gesprek voeren met de dokter. Je weet een beetje het verschil tussen wat je moet doen in formele en informele situaties."

Belangrijk zijn de 'sleutelvaardigheden': iemand aankijken als je tegen hem praat - wat in veel culturen uiterst brutaal is - , en 'u' zeggen tegen volwassenen. Pols: "In veel talen is er geen onderscheid tussen u en jij. Soms duurt het tijden voordat ze het verschil alleen nog maar kunnen horen tussen "dank u wel" en &quto;dankjewel". Maar je voorkomt er veel irritatie mee als je consequent voor u kiest."

Die feeling lijkt los te staan van de mate waarin iemand Nederlands spreekt. Pols: "Ik ken iemand met niveau 5, die perfect Nederlands spreekt en het staatsexamen heeft gehaald. Toch gaat er veel mis, omdat hij dat verschil niet aanvoelt. Terwijl een andere cursist, die heel slecht Nederlands spreekt, zich goed weet te redden omdat zij uitstekende sociale vaardigheden heeft en haarscherp aanvoelt wat in welke situatie gewenst is."
Uitvalpercentages

De minister wil deelname aan de cursus niet langer verplicht stellen. Wie vrijwillig deelneemt moet ongeveer 8000 euro betalen voor een jaar les inclusief examen. Het rijk verstrekt daarvoor een renteloze lening. Een deel van de schuld wordt kwijtgescholden als men het diploma snel haalt. Vanwege de financiële risico's zullen veel mensen afzien van de cursus.

"Kun je de mate van integratie via een examentje vaststellen?" vraagt Pols zich af. "Neem tien willekeurige mensen uit de tram, die allemaal hier zijn geboren. Ik durf mijn hand er niet voor in het vuur te steken dat ze dat examen halen."

Pols denkt dat het uitvalpercentage bij de inburgeringscursussen een rol speelt bij de plannen van de minister. "Cursisten kunnen uitvallen door psychische problemen, door zwangerschap en zorg voor de kinderen of vanwege hun werk. Landelijk was er 35% uitval bij de ROC's, dus zouden de cursussen niet werken. Maar kijk eens naar de propedeuse rechten. Daar is het slaagpercentage 30%, dus 70% uitval! En ik heb ook groepen met bijna 100% opkomst."

Ze is bijna lyrisch over de motivatie en het doorzettingsvermogen van de cursisten. "Een oudere vrouw, afkomstig van het platteland van China met kinderen op het VWO, werkte al jaren als schoonmaakster. Ze schaamde zich daarvoor en wilde het liefst bij de thuiszorg werken. Toen ze er solliciteerde werd ze afgewezen. Daarop meldde ze zich aan voor de taalles. Een half jaar later solliciteerde ze opnieuw bij de thuiszorg en werd aangenomen: men had gezien hoe snel ze vooruit was gegaan. Dan ben ik zo trots op die vrouw! Haar doel was zo bescheiden, en met wilskracht heeft ze het weten te bereiken."
Naar elkaar luisteren

Mensen die tegen hun wil naar de cursus gaan is Pols niet tegengekomen. "Eén keer was er een vrouw die het niet zo zag zitten. Maar die was binnen een week om en werd razend enthousiast. Er zijn wel vrouwen die zeggen: 'Van mijn man mag ik alleen omdat het moet.' Die binden me ook op het hart om het niet tegen hun man te zeggen als ze een niveau hoger gaan, want dan moeten ze eraf. Vaak is dat omdat hun schoonmoeder hen graag in de huishouding heeft."

De rol van de groep is 'heel groot' volgens Pols. Men vindt bij elkaar herkenning en er ontstaan vriendschappen tussen mensen van verschillende culturen. Ook politieke en maatschappelijke vraagstukken worden besproken in de klas, hoewel haar collega's Pols bij haar indiensttreding adviseerden om politiek en religie buiten de les te houden. "Ik hield me daaraan, totdat één van de cursisten me vroeg: 'Lenneke wat vind je daarvan, dat gister Pim Fortuyn is doodgeschoten? Het is toch afschuwelijk! Nederland wordt net zo erg als Israël.' Daar kwam hij vandaan. Die man was helemaal van slag door die moordaanslag."

Haar rol als docent ziet Pols als een bemiddelende rol. "Je mag wel iets van je mening laten doorschemeren, maar nooit één van de meningen laten overheersen. Je legt verschillende visies zo open en neutraal mogelijk naast elkaar. Ik wil ze meegeven: je mag in Nederland zeggen wat je denkt, maar je moet wel rekening houden met elkaar. Juist omdat mensen erg bang en emotioneel kunnen zijn, moet je veiligheid bieden. In de cursus kunnen ze zeggen wat ze op hun hart hebben, maar ik eis ook dat ze naar elkaar luisteren."

In de imamgroep die Pols begeleidde, oogstte ze waardering omdat ze niet veroordeelde, maar verschillende visies naast elkaar liet staan en altijd naar hun mening vroeg. "Dat is je rol als docent. In een democratie mag je veel, maar je mag niet iemand naar de keel grijpen omdat hij anders denkt. Je moet er niet paniekerig over worden als iemand een extreem denkbeeld heeft. Aan de andere kant moet je duidelijk zijn over de heersende opvattingen in Nederland. Maar dan zeg ik ook: de Telegraaf zegt iets anders dan De Volkskrant. Zo probeer ik de scherpe kantjes ervan af te halen. De Nederlander bestaat niet."
Pin It

Auteursrecht

Op dit werk rust auteursrecht. Wil je het voorlezen in een groep? Prima, maar laat het me even weten. Publiceren op papier of web? Vraag naar de voorwaarden.  © Hilda Algra

Aanbieding

Nieuwsbrief met tips

typemachien