Opgevangen in een kwartiertje wachten op de trein. 2003

Sommige verhalen krijg je cadeau. Zoals onderstaande gebeurtenis. Opgevangen in het kwartiertje wachten op de trein. Het is alleen nog maar een kwestie van goed kijken en luisteren. En opschrijven natuurlijk.

Wachtkamer

Ze zitten tegenover elkaar in de statige wachtruimte van het station. De vier meter tussen hen wordt regelmatig doorkruist door andere reizigers, maar hun gesprek gaat onverstoorbaar voort.

Hij had het eerste contact gelegd door haar te vragen om geld voor een overnachting. Daarna was zij het die de vragen stelde. Hoe het kwam dat hij geen thuis had. Hoe lang hij gezeten had. Waarvoor hij was opgepakt. Hoe het leven in de gevangenis was. Of hij vandaag was vrijgekomen. Haar vragen bevallen hem niet helemaal, maar de aandacht van deze vrouw vindt hij wel prettig. Hij zit voorovergebogen en leunt met zijn ellebogen op zijn knieën terwijl hij haar antwoord geeft. Beurtelings kijkt hij naar haar en naar zijn voeten, waarvan de tenen op en neer bewegen, alsof die ook iets willen zeggen.

De vragen die ze stelt, het begrijpende knikje, de keurige kleding: in alles lijkt ze op de maatschappelijk werksters die hij al zo vaak tegenover zich heeft gehad. Dus als zij vraagt naar hoe het zover met hem is gekomen, heeft hij zonder aarzelen zijn antwoord klaar: "Nou gewoon, ik heb een rotjeugd gehad. Mijn vader kneep ertussen uit toen ik twee was en mijn moeder hield niet van me. We waren arm en woonden in een asociale wijk. Op mijn vijfde werd ik uit huis geplaatst." Hij gaat achterover zitten. Eén arm strekt hij over de lege stoel naast hem. Zijn hoofd leunt achterover in zijn andere hand. Nonchalant rust de enkel van zijn linkervoet op zijn rechterknie. Hij vervolgt: "Zo'n tehuis is alleen maar slecht voor je. Ze leren je wel regels, maar ze leren je niet wat liefde is. Dat kunnen alleen je ouders je leren. Maar ik heb dat dus nooit kunnen leren." De vrouw stelt: "Je bent nog jong, je hebt nog een heel leven voor je." Hij lijkt het niet te horen en herhaalt zijn gedachten over tehuizen.

De vrouw gaat een beetje verzitten en stelt een nieuwe vraag: "En wat zijn je plannen nu voor de toekomst?" "Mijn plannen? Nou, eerst moet ik wat dingen regelen en zo, en als ik alles verwerkt heb ga ik zitten en dan maak ik een plan en dan schrijf ik alles op voor de eeuwigheid." "Maar wat is dan dat plan dat je gaat opschrijven?" "Dat weet ik nog niet. Maar over een poosje ga ik er voor zitten en dan ga ik dat plan maken voor de eeuwigheid. En dan ga ik iemand helpen, die net zo is als ik. Iemand die net zo denkt als ik, alleen zo iemand wil ik helpen. Voor hem ga ik zorgen dat hij niet dezelfde shit hoeft mee te maken. Die anderen zoeken het zelf maar uit."

Een trein rolt het station binnen. De vrouw knoopt haar jas dicht en pakt haar koffers.
Maar hij heeft nog een vraag voor haar: "Ga je op vakantie?"
"Nee,"zegt ze. "ik ga naar huis. Ik was hier op vakantie."
"Was het leuk, die vakantie?"
"Ja, voor een vakantie vind ik Den Haag wel leuk. Dag hoor, sterkte met alles!"
De wachtkamer loopt leeg.
Hij blijft alleen achter.

Pin It

Auteursrecht

Op dit werk rust auteursrecht. Wil je het voorlezen in een groep? Prima, maar laat het me even weten. Publiceren op papier of web? Vraag naar de voorwaarden.  © Hilda Algra

Aanbieding

Nieuwsbrief met tips

typemachien